Duinen omg Kreekpad.jpeg

Nieuws

    26-10-2021

De servituten bestaan

Archief Nieuws

Raadsbesluit 2011 Nr. 43663/43670 d.d. 22 maart 2011
Bijlage 1 Nota Zienswijzen

Bestemmingsplan Zeegebied Westvoorne
Vaststelling 10 mei 2011, beantwoording zienswijze februari 2011
Indiener 5
- Zienswijze punt d.

Op het genomen wijzigingsgebied ligt een erfdienstbaarheid, welke volgens de indiener de bouw van strandhuisjes uitsluit. Volgens de erfdienstbaarheid mogen op de gronden geen opstallen of getimmerten worden opgericht, met uitzondering van kleine niet storende gebouwtjes. Indiener stelt dat, gezien het beoogde aantal op te richten strandhuisjes, de wijzigingsbevoegdheid niet voldoet aan deze dienstbaarheid.
- Beantwoording punt d.
Het al dan niet voorkomen van bepaalde erfdienstbaarheden maakt niet per definitie de plaatsing van strandhuisjes onmogelijk. Indien van toepassing is het immers bijvoorbeeld ook mogelijk om erfdienstbaarheden af te kopen of een andersoortige regeling te treffen. Overigens is er slechts sprake van de opname van een wijzigingsbevoegdheid strandhuisjes. Voordat toepassing wordt gegeven aan de wijzigingsbevoegdheid zullen eventuele erfdienstbaarheden worden onderzocht. Er is nu immers ook nog geen concreet bouwplan welke getoetst kan worden. Uiteraard wordt dit aspect te zijner tijd bij de besluitvorming over de toepassing van de wijzigingsbevoegdheid meegewogen.

 
Vragen PW aan BING n.a.v. hun rapport
Vraag 17: Is door de onderzoekers kennisgenomen van de nota naar aanleiding van de zienswijzen op het bestemmingsplan zeegebied waaruit blijkt dat op 15 februari 2011 door de indiener van zienswijze 5 is verwezen naar geldende erfdienstbaarheden, en burgemeester en wethouders hebben aangeven dat voordat toepassing wordt gegeven aan de wijzigingsbevoegdheid eventuele erfdienstbaarheden zullen worden onderzocht. Hoe verhoudt dit zich met de deelconclusie van p. 26 dat “Op de informatieavond is het onderwerp servituten/erfdienstbaarheden in relatie tot strandhuisjes voor het eerst ter sprake gekomen en zijn hierover vragen gesteld aan de betrokken portefeuillehouder.”?

Antwoord BING: Inmiddels hebben wij hiervan kennis genomen. Geïnterviewden hebben tegenover ons verklaard dat in het voortraject niet is gesproken over het bestaan van mogelijke servituten/ erfdienstbaarheden. Alle geïnterviewden hebben verklaard dat het voor het eerst ter sprake kwam bij de informatieavond op 9 juni 2011. Naar onze mening had het overigens wel in de rede gelegen, zoals wij dat ook stellen bij de beantwoording van de onderzoeksvraag in ons rapport, dat dit onderwerp eerder ter sprake zou zijn gekomen. De door u geciteerde beantwoording van de zienswijze onderstreept dit.

 
 
Pagina terug