Duinen omg Kreekpad.jpeg

Nieuws

    26-10-2021

Twee jaar dorpspolitiek Westvoorne

Archief Nieuws

Veelal wordt een stuk als het navolgende voorzien van een naschrift waarin de schrijver de hoop uitspreekt dat zijn artikel wordt gelezen en hij benieuwd is naar  reacties. Omdat ik op grond van ervaring de reacties van de meeste betrokkenen in de Westvoornse gemeentepolitiek wel kan voorspellen – ‘ te lang en langdradig, daar begin ik niet aan’  - laat ik (als gepensioneerd journalist, verslaggever/columnist gemeenteraad Rotterdam in het vroegere Rotterdams Nieuwsblad)  mijn naschrift op mijn observatie van twee jaar bakkeleien tussen coalitie en oppositie er maar aan vooraf gaan.
Het verhaal is begonnen met een ‘stukkie’ over een opvallende verklaring op de site van de VVD.  Schrijvende weg werd het een aaneenschakeling van  elkaar opeenvolgende columns, eindigend in een logische conclusie: het coalitiecollege heeft zijn langste tijd gehad.  Het is voor de resterende anderhalf  jaar tot aan de volgende raadsverkiezing rijp voor reconstructie met alsnog de verkiezingsuitslag 2010 als uitgangspunt. Dat is goed voor de democratie. Het is vooral uit lijfsbehoud  ook goed voor de coalitiepartijen zelf.
Of ik denk dat dit ook zal gebeuren ? Neen, die pretentie heb ik niet. Maar in elk geval kan in 2014 bij het opmaken van de balans van vier jaar gesteggel niemand zeggen dat de gedachte aan herstel van normale politieke verhoudingen in Westvoorne nooit is opgekomen.

Rockanje, september 2012.

Koos de Gast

degast.rockanje@upcmail.nl  

                         

Twee jaar dorpspolitiek Westvoorne

 

Conservatief machtsbehoud

versus

behoefte aan vernieuwing

 

 stand halverwege 2010 – 2014

 

De aanleiding

Op de website van de VVD Westvoorne prijkt onder de kop ‘Dieptepunt in politiek  Westvoorne’  een opiniërend stuk waarin de VVD de raadsvergadering  op 18 mei 2012 kwalificeert als ‘een beschamende vertoning; beneden alle peil’.

De gemeenteraad van Westvoorne op internet volgend heb ik dat er toen  niet in kunnen ontdekken. Integendeel: de vergadering vertoonde hetzelfde, geëigende beeld dat de weerspiegeling is van de huidige politieke machtsverhouding. De oppositie maakt gedegen werk van de beoordeling van de voorliggende raadstukken; de  nauwelijks kritische coalitie is het altijd met het college eens.

De uitslag van de stemmingen staat  op voorhand vast. Bij de burgemeester was  in deze vergadering zelfs een begin van  ironie te bespeuren bij het eindeloos repeterend te moeten uitspreken van de uitslag ACHT VOOR, ZEVEN TEGEN.

Als deze vergadering voor de VVD het dieptepunt in de Westvoornse politiek is maak ik me niet zoveel zorgen. Voor mij is ‘het dieptepunt in politiek Westvoorne’  juist dit artikel op de website van de  VVD zelf.  De daaruit sprekende visie op het dorpsgebeuren en de verhandeling waarin de VVD meent de Partij Westvoorne opnieuw de les te moeten lezen zijn verbijsterend.  En dat om vele redenen.  

De VVD schrijft dat we weliswaar respect moeten hebben voor de grondige manier waarop de Partij Westvoorne zich op de raadsvergaderingen voorbereidt, maar de VVD vraagt zich af (citaat) of het wel de taak van gemeentebestuurders is om van allerlei zaken alles tot in de puntjes te willen weten.  Een gemeentebestuur behoort zich met de hoofdlijnen bezig houden, beleid uit te zetten en het college van B&W te controleren. De details moeten worden overgelaten aan het ambtenarenapparaat, dat daarvoor aangenomen en capabel is. De werkwijze van de Partij Westvoorne leidt in de praktijk tot het stellen van stapels vragen aan zowel de ambtenaren als de bestuurders en tot ellenlange vergaderingen. De laatste drie raadsvergaderingen duurden zo lang dat er twee avonden over gedaan moest worden. Heeft er ooit iemand gedacht aan de kosten die dat met zich meebrengt? En aan die raadsleden die nog wel werken of een bedrijf hebben, het vreet onnodig tijd (einde citaat).

Zo gemakkelijk is het dus voor een liberaal om gemeenteraadslid te zijn. De VVD-fractie zet hoofdlijnen uit en klaar zijn de fractieleden Ruud, Janneke en Jaap. Met  details bemoeien ze zich verder niet meer. Details laten ze onbekommerd over aan wethouders en ambtenaren. Die zijn daarvoor. Met andere woorden: de VVD heeft het college van BenW voor de uitvoering van het coalitieprogramma een vrijbrief gegeven, compleet  met blanco cheque. Dat spaart tijd.  

Eerste constatering: ik schrok er van dat  dit de liberale visie op het besturen van onze gemeente is. Het is een wel heel oppervlakkige en gemakzuchtige invulling van het raadlidmaatschap.

Tweede constatering: wat er onder de bevolking leeft en aan argumenten wordt ingebracht speelt in deze taakopvatting eigenlijk geen rol. Niet in het verleden: de nieuwe Swinshoek staat op de verkeerde plek. En niet in het heden: voor de Rots wordt te midden van de kleinschalige dorpsbebouwing toch weer voor het meest robuuste ontwerp gekozen. Vanwege starterswoningen die ambtenaren, wethouders en raadsleden de afgelopen dertig jaar in Rockanje vergeten zijn te bouwen en waarvoor nu min of meer toevallig een door een verouderd bestemmingsplan opgedrongen locatie beschikbaar is. Daar ligt, zoals gebruikelijk, geen enkele stedenbouwkundige visie op de dorpskern aan ten grondslag.

Uit het liberale oordeel over de handelwijze van de Partij Westvoorne blijkt dat de Westvoornse VVD-fractie voorbij gaat aan het feit dat de oppositie in de raad  47 procent van de    kiezers vertegenwoordigt. Dat is niet niks. Die oppositie is zo sterk doordat het beleid in de voorgaande raadsperiode(s) forse kritiek en onvrede heeft opgeroepen. Daaraan is voor wat Rockanje betreft nog niets veranderd. Het ontbreekt de VVD aan realiteitszin om zich te verdiepen in betekenis en functie van zo’n oppositiepartij. Die realiteit is dat een door de verkiezingsuitslag zo sterk gemaakte oppositie per definitie niet dat onvoorwaardelijke vertrouwen in het doen en laten van het college kan en mag hebben.

Als oppositie moet je kritiek stevig kunnen onderbouwen en om dat gedegen te kunnen doen ‘moet je je  wel grondig op raadsvergaderingen voorbereiden en van allerlei zaken alles tot in de puntjes willen weten’, zoals de VVD nu de Partij Westvoorne verwijt.

Aan het adres van de VVD: dat is niet nodeloos lastig en tijdrovend. Dat is de opdracht van 47 procent van de kiezers in Westvoorne. Door als coalitie elke vorm van samenwerking en inbreng hooghartig af te wijzen en krampachtig te blijven volharden in het eigen ACHT-TEGEN-ZEVEN-gelijk moet een oppositiepartij wel vanuit het wantrouwen opereren.

De coalitie maakt het zich wat dat betreft inderdaad een stuk gemakkelijker. Die omarmt kritiekloos wat ambtenaren en wethouders bedenken.  En verder niets. Klaar. Het  strandhuis- debacle is daar het toonbeeld van. Trouwens: een tot de coalitie behorende fractie kán geen eigen, afwijkend geluid laten horen. Dan klopt de som 3+2+2+1=8 niet meer. De vraag is of de 53 procent van de kiezers die de coalitie vertegenwoordigt dat wel voldoende vindt. Maar dat merken we in 2014 na de volgende raadsverkiezing wel weer.
 
Koekje eigen deeg

 

Het feit waarover de VVD zich in de raadsvergadering op 18 mei zo opwond is dat bij het agendapunt ‘Bijstellen uitvoering glasbeleid door fasering’ het raadslid Jeroen Noordermeer van de Partij Westvoorne, hoewel beroepsmatig bij de glastuinbouw betrokken, toch aan de stemming over dit faseringsvoorstel heeft deelgenomen. VVD-fractievoorzitter  Ruud Dukker heeft ook belangen in de glastuinbouw. Om als raadslid elke schijn van belangenverstrengeling te vermijden onttrok hij zich wel aan de stemming.  

Dat had Noordermeer bij voorgaande stemmingen over het glasbeleid  ook gedaan, maar deze keer zag hij daar blijkbaar geen dwingende noodzaak toe. Het ging niet om een principebesluit met rechtstreekse persoonlijke betrokkenheid, maar om de uitvoering van dat eerder genomen besluit en dat weegt qua persoonlijk belang minder zwaar.

Daardoor staakten de stemmen met zeven tegen zeven  en was het collegevoorstel verworpen. Hét politieke dieptepunt.  Het maakte de VVD woedend. Want, vindt Dukker, zichzelf nadrukkelijk onderscheidend als het raadslid dat wél weet hoe het hoort:  Noordermeer had zich om alle schijn van belangenverstrengeling te vermijden,  net als hij, ook van stemming dienen te onthouden. Dan zou het raadsvoorstel wel met ZEVEN voor en ZES tegen zijn aangenomen.

Daar valt misschien best nog wel wat voor te zeggen, maar prompt haalde de VVD  voorspelbaar haar stokpaard weer van stal.  Zie je wel: de Partij Westvoorne weet niet hoe het hoort, meet met twee maten. Wel in de kwestie strandhuisjes wethouder Klok op belangenverstrengeling aanspreken, maar zich nu zelf schuldig makend aan de schijn van belangenverstrengeling. En ja hoor, daar klonk ook het verwijt weer:  € 25.000 aan gemeenschapgeld voor  het BING-onderzoek over de balk gegooid om de integriteit van wethouder Klok te kunnen bevestigen.

Wat zo opvalt is dat de VVD zich, zowel bij de commotie rond de strandhuizen als nu rond de warenhuizen, drukker maakt over de vorm waarin de oppositie opereert dan over haar  kracht van argumenten. Het gaat meer over de toon die de muziek maakt dan over harde feiten. Er ontstaat zelden een debat over feiten, wel over optreden. De liberalen lijken zo steeds een alibi te zoeken om hun standpunt  te rechtvaardigen dat de Partij Westvoorne ongeschikt is te kunnen meebesturen. ‘Zie je wel, we hebben het toen wel goed gezien….’    

 
IJzig kil politiek klimaat

Geleerden in staatsrecht en bestuurskunde moeten maar uitmaken wie in dit stemconflict formeel gelijk heeft. Wat zich hier echter wreekt is het ijzig kille politieke klimaat in de Westvoornse gemeenteraad.  Als partijen ondanks politieke  tegenstellingen toch normaal met elkaar omgaan kunnen coalitie en oppositie over zo’n stemdilemma even vooroverleg plegen. Dukker en Noordermeer hadden bij een kopje koffie – of gewoon even bellen -  met elkaar kunnen afstemmen wat te doen: beiden wel (zoals Dukker in tweede aanleg ook deed) of beiden niet stemmen. Dat is in elke gemeenteraad in dit land een normaal gebruik.

(In de Rotterdamse gemeenteraad heb ik het meegemaakt dat een liberaal raadslid bij een cruciale stemming, waarbij de stemmen dreigden te staken,  de raadszaal verliet en niet meestemde om te voorkomen dat een doodziek raadslid van de PvdA met een taxi van huis zou moeten worden gehaald om te stemmen en het raadsvoorstel toch aangenomen te krijgen. Zo kun je als raadsleden  met tegengestelde politieke opvattingen ook met elkaar omgaan.)

Die collegiale samenspraak ontbreekt in Westvoorne. Daardoor overkwam de coalitie wat PvdA en Partij Westvoorne nu al ruim twee jaar maandelijks  meemaken: het consequent verwerpen van alles wat aan argumentatie uit de kring van de oppositie (en ook uit de burgerij: zie strandhuizen, zie De Rots) wordt ingebracht. De coalitie werd nu zelf geconfronteerd met een negatieve uitslag. Koekje van eigen deeg, zullen we maar zeggen, en dat smaakt blijkbaar ook voor de VVD bitter. En misschien wilde Noordermeer, nu de gelegenheid zich voordeed,  de VVD die vervelende smaak wel een keer zelf laten proeven…. (voor alle duidelijkheid: geen kwaad woord over de smaak van bitterkoekjes).
 
 
Jaar voor Jan Doedel  

De beschouwing op de VVD-site – en ook  de daarna in de gemeenteraad afgelegde verklaring – legt bovendien het feit bloot dat het tot de VVD nog steeds niet doordringt dat er in het BING-rapport méér staat dan sec de constatering dat wethouder Klok geen belangenverstrengeling kan worden verweten. Daarin staat óók een uitvoerige verhandeling over veertien op het strand- en duingebied rustende servituten. In het BING-rapport staat ook heel duidelijk beschreven dat de wethouder ten behoeve van een zorgvuldige voorbereiding van de besluitvorming, vanwege de algemene bekendheid in Rockanje en de ervaringen in het verleden,  wél van die servituten op de hoogte had moeten zijn.

Aan de VVD vraag ik: leef je eens een ogenblik in wat de impact van dit verwijt is.

Dat betekent dus dat de wethouder de gemeenteraad een jaar lang ten onrechte in de waan heeft gelaten dat de bouw van strandhuisjes op het strand van Rockanje wèl mogelijk was;

dat betekent dat een jaar lang ambtenaren zich hebben moeten bezighouden met een achteraf nutteloze zaak;

dat betekent dat het bestemmingsplan Zeegebied Westvoorne, inclusief de uitzonderingsbevoegdheid waarover zoveel te doen is geweest, hiervoor nodeloos aangepast is;

dat betekent dat de gemeenteraad er herhaaldelijk en langdurig achteraf voor Jan Doedel  over heeft  moeten vergaderen;

het betekent dat ‘Strandhuizen nee’ niet eens in actie had  behoeven te komen;

het betekent dat voor de roerige en naar blijkt cruciale voorlichtingsavond 400 dorpsgenoten  voor Jan met de korte Achternaam naar de Welkomkerk zijn gekomen;

het betekent dat ondernemers nodeloos hoge kosten hebben gemaakt om hun plan, zelfs digitaal gevisualiseerd, uit te werken.

Dat had dus allemaal voorkomen kunnen worden als de wethouder eerst had laten uitzoeken wat er in het bewuste servituut staat. Kortom: de wethouder  heeft het hele jaar door gemeenteraad en burgerij nodeloos bezig gehouden met op drijfzand gefundeerde strandhuizen.

Dat was dus allemaal niet nodig geweest als wethouder Klok had gedaan wat iedere weldenkende bestuurder doet als hij in een visie, zoals in Natuur Actief,   het woord strandhuisjes tegenkomt als suggestie (een mogelijkheid, niet meer dan dat) om de recreatie in Rockanje te stimuleren. Dan roep je toch niet meteen ‘leuk, dat doen we’, maar past als verantwoordelijk bestuurder les 1 bestuurskunde toe: tel eerst tot tien en onderzoek de mogelijkheden en beletselen. Al helemaal als er in de nota nota bene bij staat: Het bouwen van strandhuisjes betekent bouwen in het kwetsbare en veelbezochte duingebied. Bij een eventuele ontwikkeling zal rekening gehouden moeten worden met aantasting van natuurwaarden en de gevolgen voor uitstraling van het strand. Er zal daarom een zorgvuldige afweging tussen de natuurwaarde en de meerwaarde van de ontwikkeling moeten worden gemaakt’.

Wethouder en ambtenaren hebben dus überhaupt niets onderzocht, laat staan de afweging gemaakt.  De gemeente – lees de wethouder  - dacht het op dit deel van het strand tussen de Eerste en Tweede Slag alleen voor het zeggen te hebben en solistisch zijn gang te kunnen gaan.. Alle opties voor inspraak en burgerparticipatie werden listig als niet ter zake dienende omzeild.   
 
 
Strategische manipulatie

Klok’s verweer dat hij pas overleg met andere partijen kan voeren als een project helemaal rond is  kun je toch niet echt serieus nemen? We weten toch van het allereerste begin af aan wat de bedoeling is en hoe dat er uit gaat zien ? Tachtig strandhuisjes tussen  de Eerste en Tweede Slag.  Dan onderzoek je toch aan het begin van de projectontwikkeling of er eventueel beletselen zijn en niet als sluitstuk? Daarom gaat het er bij mij nog steeds niet in dat niemand in het raadhuis in de startfase van het strandhuisverhaal een vinger heeft opgestoken om op het bestaan van de veertien op het strand- en duingebied rustende servituten te wijzen, zoals het BING-rapport onthulde.  Veertien! Er moet toch wel iemand in het raadhuis werken die nog weet dat de gemeente Westvoorne eind 1999 een kleine 90.000 gulden armer werd omdat een servituut op het aangrenzende Pinguïnterrein moest worden afgekocht.

Bovendien constateert het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten: ‘Als in Rockanje alom bekend is dat er op het strand en het duingebied servituten gevestigd zijn en als die in het verleden al vaker onderwerp van casuïstiek zijn geweest, dan had het als onderdeel van een zorgvuldige voorbereiding van de besluitvorming wel voor de hand gelegen dat het gemeentebestuur van het bestaan wel op de hoogte was geweest’.

Saillant detail is dat het college bij de behandeling van het bestemmingsplan Zeegebied Westvoorne (eind 2010/begin2011, dus juist toen wethouder Klok aan zijn strandhuis campagne begon) naar aanleiding van een ingebrachte zienswijze antwoordde : ‘dat het al dan niet voorkomen van bepaalde erfdienstbaarheden niet per definitie de plaatsing van strandhuisjes onmogelijk maakt. Indien van toepassing is het immers bijvoorbeeld ook mogelijk erfdienstbaarheden af te kopen of een andere regeling te treffen’.

Het  college wist dus wel degelijk van het bestaan van servituten op strand en duinen af, het was dus gewaarschuwd en deed er niets mee. Dan kun je toch niet volhouden: dat zien we later wel? Dat neigt naar strategische manipulatie: ‘we maken de strandhuisplannen, inclusief de uitvoerend ondernemer, eerst helemaal rond en dan gaan we er pas de boer mee op; mooi dat in een zover gevorderd stadium dan niemand meer neen tegen het project durft te zeggen…..’
 
 
Foutje, bedankt

Voor iedere in gemeentepolitiek geïnteresseerde burger valt het niet te bevatten dat ook coalitiepartijen genoegen hebben genomen met het karige verweer dat het college over de lippen kon krijgen,  uitgesproken door de burgemeester zelf : ’het had  beter gekund’. Meer niet. Zo’n van alle ernst ontdane afdoening is het beste te rangschikken onder het hilarische ‘Foutje bedankt’ uit een oude reclamespot.

Daardoor staat de politieke afrekening nog steeds open. Aan het beleid van het college en aan de houding van de coalitie ontbreekt elk zelfonderzoek naar zowel resultaten als gevolgen van de aan onze kleine dorpsgemeenschap opgelegde machtsuitoefening. Aan het ten aanzien van de strandhuizen gevoerde beleid mankeerde zo ongeveer alles. In elke normaal functionerende gemeenteraad leidt dat tot politieke consequenties: het opstappen van de verantwoordelijke wethouder. Maar in Westvoorne kan dat niet. Zelfs al zou een van de coalitiepartners misschien nog wel een woord van afkeuring hebben willen laten horen, hij kan het zich vanwege de  broze ACHT tegen ZEVEN machtsverhouding niet veroorloven. VVD, CDA, GBW en D66 houden elkaar in gijzeling.    

Zoals het verstrengelen van belangen in de visie van de VVD (terecht) een politieke doodzonde is, zo is het ook een politieke doodzonde de gemeenteraad en de dorpsgemeenschap een jaar lang, tegen beter kunnen weten in, te  laten geloven in luchtkastelen. De gemeenteraad is welbewust verkeerd voorgelicht, op het verkeerde been gezet, voor de gek gehouden, of welke kwalificatie tussen gefopt tot en met bedonderd men er ook aan wil geven. Alleen in Westvoorne doen college en coalitie na zo’n bestuurlijk debacle alsof dat normaal is.  ‘Ja, ‘t had beter gekund….’.

Dat behoort in een door democratie geïnspireerde dorpsgemeenschap onaanvaardbaar te zijn omdat het vreet aan de wortels van een gekozen bestuur. Want in de houding van de coalitie  ligt impliciet besloten dat het ACHT tegen ZEVEN dictaat elke politieke misstap onvoorwaardelijk toedekt. Zo kan een dorpsgemeenschap politiek niet meer naar behoren functioneren.
 
 
€ 25.000 goed besteed

Terug naar de raadsvergadering van 18 mei 2012.

Wat mateloos irriteert is het feit dat de VVD blijft hameren op de aan het BING-rapport bestede  € 25.000  en dat bedrag blijft bestempelen als door de oppositie veroorzaakt weggegooid geld. Ben je dan politiek zo blind dat je niet inziet dat dit BING-rapport niet alleen nodig was om een wethouder vrij te pleiten van belangenverstrengeling, maar vooral ook noodzakelijk was om die veertien servituten boven water te krijgen en op hun merites te kunnen beoordelen. Dus om te doen wat deze wethouder had nagelaten te doen,  waardoor juist het rumoer rond zijn eigen eigenzinnig optreden was ontstaan.

Als het BING constateert dat het college voor een zorgvuldige voorbereiding van de besluitvorming van het bestaan van die servituten had kunnen weten (en dus had moeten weten), dan is het toch niet de schuld van de oppositie dat deze onderzoekskosten alleen al om die reden wel besteed  waren? Dan  dient het bedrag van € 25.000 toch enkel en alleen op het conto van het college geschreven te worden en in het bijzonder op de rekening van de verantwoordelijke wethouder ? 

De wethouder heeft nagelaten tijdig de betekenis van de servituten te laten onderzoeken. De  wethouder en de burgemeester  samen bleven tijdens de voorlichtingsavond in de Welkomkerk het antwoord schuldig toen naar de inhoud van het servituut werd gevraagd. Zij waren het toch die op cruciale vragen geen antwoord konden geven? Daaruit ontstond toch de commotie over integriteit rond de wethouder?  Dat was toch de  directe aanleiding tot het BING-onderzoek?  

Hadden burgemeester en wethouder op die bewuste avond die informatie wel kunnen geven – en in het BING-rapport staat dat het normaal zou zijn geweest dat zij antwoord zouden hebben gegeven -  dan had überhaupt de geur van belangenverstrengeling geen voedingsbodem gehad. Dan was met één simpel antwoord op een eenvoudige vraag alle rumoer voorkomen. Dan kun je als medeverantwoordelijke raadsfractie voortaan toch maar beter zwijgen over die € 25.000? Die  besteding van gemeenschapsgeld was hoogst noodzakelijk om de besluitvorming over de strandhuizen in het gareel te krijgen.  
 
 
Politieke belangenverstrengeling

 

Juist omdat de VVD zo hecht aan zorgvuldigheid in omgangsvormen en elke verstrengeling van belangen of het vermoeden daarvan bestrijdt,  is het nuttig de positie van het vier wethouders tellende college nader te beschouwen. Het is bijna hilarisch te noemen dat dit college het resultaat is van een in ons land zeldzaam voorkomende vorm van belangenverstrengeling: politieke belangenverstrengeling.  Normaal is dat een gemeente met nog geen 15.000 inwoners het gemakkelijk met drie wethouders af kan. Vier is qua werkdruk helemaal niet nodig. Maar hier hebben vier kleine partijen hun authenticiteit ingeleverd om een machtsblok te kunnen vormen om de nieuwe en tevens grootste fractie bestuurlijk te elimineren en zichzelf nog te belonen ook met een extra wethouderszetel. Dorpse machtspolitiek op de vierkante centimeter.

Het bijkomend gevolg: VVD, CDA en  GBW  hebben alle eigen zeggenschap en zelfstandigheid ingeleverd bij D66: nota bene de partij die ternauwernood de kiesdeler behaalde om überhaupt nog een zetel in de raad in de wacht te kunnen slepen. Om tot het inmiddels beruchte  ACHT tegen ZEVEN blok te kunnen komen moest de steun van de éénmans fractie van D66 worden gehonoreerd, dan wel gekocht, met een wethouderszetel á 70.000 euro per jaar. Per slot van rekening had D66 er ook voor kunnen kiezen als gedoogpartner de coalitie te steunen. Maar pluche kleeft. Zo’n  één op één situatie (één lid in de raad, één wethouder in het college)  is  een novum.  

Het is met normale op politiek gestoelde argumenten ook niet uit te leggen waarom de verkiezingsuitslag werd gebruuskeerd om een  nieuwe lokale partij buiten spel te kunnen zetten. Hoe leg je aan een buitenstaander uit waarom de oude lokale partij die bijna de helft van zijn aanhang verloor en nu twee zetels in de raad heeft, wel een wethouder in het college heeft en de nieuwe lokale partij met vijf zetels niet. Hoe bang kun je zijn voor een onverwacht sterke debutant in de Westvoornse gemeentepolitiek.

Volgens de wet kan het allemaal, maar de vraag dringt zich op of hier de uitleg die  aan de wet wordt gegeven politiek nog wel correct is. Het gevolg is dat ‘de vier’ de coalitie vormende fracties elkaar in de houdgreep houden. Afwijkend, dus onderscheidend stemgedrag is onmogelijk. Om het politieke kaartenhuis overeind te kunnen houden mag niemand uit de boot vallen. Ze zijn verplicht het zo met elkaar eens te zijn dat ze gerust met één woordvoeder kunnen volstaan.  Politieke correctie, zoals bij het bestuurlijk blunderen in het strandhuisjesdossier, is onmogelijk. Daardoor komt de positie van een omstreden wethouder  ook nooit in gevaar.

Met andere woorden: het maakt – en dat is uit het oogpunt van democratische principes heel ongezond - de positie van de wethouders, in casu die van wethouder  Klok,  onaantastbaar. D66 beheerst als éénmansfractie in de Westvoornse gemeenteraad de politieke macht. Het vervelende is dat wij als dorpsgemeenschap daarvoor ook nog een prijs moeten betalen en die prijs is aanzienlijk hoger dan de € 25.000 waarmee de VVD de Partij Westvoorne blijft lastigvallen.

Bij het aantreden van dit college werd het voor een kleine gemeente uitzonderlijke aantal van vier wethouders financieel vergoelijkt met de belofte: vier wethouders voor de prijs van drie. Alleen al deze uitspraak van de coalitie zelf bevestigt dat deze constructie uitzonderlijk is. Maar al gauw werd duidelijk dat de twee wethouders uit  het voorgaande college op grond van de voor wethouders geldende wachtgeldregeling recht hebben op aanvulling van hun wedde tot het in de voorgaande vier jaar genoten niveau. En daarvan dus gebruik maken.

Laten we daar een simpel rekensommetje op loslaten. Blijkens de begroting bedroeg de wedde voor drie wethouders in de voorgaande jaren all in ruim € 210.000 per jaar, zijnde ruwweg rond € 70.000 per wethouder. In het nieuwe college zouden de vier wethouders dus € 210.000 : 4 =  rond € 52.500 ontvangen. Echter: twee wethouders krijgen op grond van de wachtgeldregeling daarop de aanvulling tot € 70.000, zijnde € 17.500 per man.

Het in stand houden van dit college kost de gemeenschap dus tweemaal € 17.500 = € 35.000 per jaar, of te wel € 140.000 over de hele raadsperiode meer dan de coalitie bij haar aantreden had verzekerd. Het gebeurt wel volgens geldende regels, maar het valt niettemin te rangschikken in de categorie kiezersbedrog. En dat enkel en alleen om zich van de gunst van D66 verzekerd te weten. Dat is een politieke belangenverstrengeling in optima forma.
 
 
Dure vierde man

Objectiviteit gebiedt de vraag te stellen of  ‘de vierde man’ voor een kleine gemeente als Westvoorne misschien toch een meerwaarde betekent  voor de noodzakelijke bestuurskracht. Het aantal foto’s bij lokale gebeurtenissen in de lokale blaadjes laat een druk bezette wethouder zien. Maar de vierde wethouder is in dubbel opzicht ook een dure wethouder, zowel qua wedde als qua uitvoerder van beleid. Wethouder Klok beheert  de lastige portefeuille glasbeleid. Het glasbeleid kost de gemeenschap enorm veel geld voor een in feite politiek bijkans in een kleine gemeente onuitvoerbaar droombeeld : het ruimen van landschap ontsierende kassen, het verplaatsen van tuinderijen naar concentratiegebieden en herinrichting van het landschap.

Het is een begin deze eeuw met te groot enthousiasme begonnen project dat qua beleidsontwikkeling, de uitvoering en de financiering de kracht van een gemeente met 14.000 inwoners ver te boven gaat. Bij de inwoners, lees de kiezers, leeft het niet of  nauwelijks. Waarom de buitenboel opknappen als er ‘binnen’ in het dorp nog zoveel  te doen is.

De uitvoering van het glasbeleid is een gebed zonder einde met de ene tegenvaller na de andere. Het gevolg van ontoereikende bestuurskracht is dat voortdurend hindernissen opdoemen, meestal gepaard gaande met grote financiële tegenvallers die nu al in de miljoenen lopen en waarvan het de vraag is of het bedrag ooit kan worden terugverdiend. Van de 25 hectaren die per eind 2014 glasvrij moeten zijn om nog een provinciale subsidie te kunnen binnenslepen is tot nu toe minder dan de helft verwezenlijkt. En om financiële redenen ligt er nu een stop op.   Zowel in het voorgaande college als in het huidige is Klok als wethouder verantwoordelijk voor de uitvoering van het glasbeleid.

Zoals hij met de strandhuizen een eigen, eigenzinnige koers volgde, zo was dat ook het geval met Stuifakkers. Voor dit gebied werd om grondspeculatie te voorkomen een voorbereidingsbesluit genomen om de weg vrij te maken in Stuifakkers  dure woningbouw te gaan plegen waaruit het glasbeleid gefinancierd zou gaan worden. Het veroorzaakte veel beroering en moest worden afgeblazen. Maar ondertussen was onder verantwoordelijkheid van Klok al wel grond en vastgoed aangekocht waarop nu verliezen worden geleden.

Ter vervanging van deze bron van inkomsten werd de voor woningbouw bestemde polder Drenkeling in Rockanje als financieel wingebied voor de uitvoering van het glasbeleid aangewezen. Maar zolang de uit deze grondexploitatie verwachte miljoenen niet zijn gerealiseerd mogen ze van de provincie niet als fictieve dekking voor de tekorten op het glasbeleid worden aangewend. Daarom hebben college en coalitie nu  € 1.017.144 uit de reserves voor de dorpsvernieuwing geklauwd om de gaten in het glasbeleid te kunnen dekken. Tot de grondexploitatie in de Drenkeling wat gaat opleveren. Gestreefd wordt in 2014.

Dat verklaart waarom ineens zoveel haast wordt gemaakt met (dure) woningbouw in de Drenkeling.  Echt niet om de in de afgelopen dertig jaar opgelopen stilstand in de woningbouw in te halen. Het gaat het college alleen maar om de poen om het glasbeleid te kunnen voortzetten.  
 

Glasbeleid boven centrum Rockanje 

Als de Drenkeling voldoende geld gaat opleveren wordt het geld uit het fonds dorpsvernieuwing weliswaar teruggestort, maar gelet op de economische vooruitzichten en verwachtingen op de woningmarkt kan dat wel tot Sint Juttemis duren. Intussen is er geen geld meer over voor de  dorpsvernieuwing, die in Rockanje overigens al vijfentwintig jaar op zijn gat ligt. Het maakt het ook volstrekt zinloos om nu onder het mom van burgerparticipatie een uitgebreide werkgroep, voorzien van ingehuurde begeleiding, een visie te laten ontwikkelen op de herstructurering van het centrum van Rockanje, die moet leiden tot ‘een aantrekkelijk recreatief centrum’ en ‘winkelgebied en centrale ontmoetingsplek in het dorp’. Een politieke fopspeen. Er is geen geld voor. Glasbeleid ver weg prevaleert boven herbergzaamheid in de dorpskern van Rockanje. (Intussen heeft het college wel € 200.000 uitgetrokken om het Dorpsplein op te knappen, o.a. door het plaatsen van een boom, wat banken en een terras, zoals wethouder Klok paginagroot in het Weekblad Westvoorne onthult (en later in een collegevergadering op de vingers werd getikt omdat het project in de portefeuille van wethouder Van Lith zit….).  Hoe noemen ze dat ook al weer: cosmetische camouflage van politieke (en ambtelijke) onmacht).

Het glasbeleid heeft intussen een geschiedenis van zeven jaar. Daaruit herinner ik me een duur opgezet interactief planproces, voorzien van ingehuurde begeleiding,  waarbij aan het eind zo ongeveer geen van de deelnemers (tuinders én bewoners) zich meer in het resultaat herkende. Dat duidt  minimaal op eenzijdige sturing van het planproces.

Ik herinner me dat het toch gerenommeerde bureau  Twynstra en Gudde werd ingehuurd om een businesscase op te stellen, die door de provincie vanwege de ondeugdelijke financiële onderbouwing  werd afgewezen. Dat duidt  minimaal op  creatief boekhouden om een rooskleurig resultaat op papier te krijgen. Van het tot nu toe geraamde miljoen euro aan inkomsten is intussen 5000 euro binnen….

Ik hoor over schadeclaims vanwege tuinders die pienter hebben ingespeeld op ‘een lek’ in de vorige gemeenteraad waardoor voortijdig informatie uitlekte over het voornemen een voorbereidingsbesluit voor het landelijk gebied te nemen. Zij legden nog net voor de inwerkingtreding schielijk claims ten behoeve van uitbreiding van hun bedrijf die op basis van de toen geldende regels niet geweigerd konden worden. Nu moeten die claims onder de noemer planschade worden afgekocht. (Over wie toen zijn mond voorbij heeft gepraat legde de gemeenteraad indertijd zichzelf een zwijgplicht op. Maar zoveel wordt er dan wel weer gelekt  dat het iemand uit de  liberale kring betreft, de partij die nu  meent de oppositie de maat te kunnen meten).
 

Provincie roept halt toe

Intussen is de uitvoering van het glasbeleid dus noodgedwongen opgeschort. Op last van de provincie heeft het college, in casu de verantwoordelijke wethouder Klok, in casu de coalitie, moeten afzien van de financieringsvorm waarbij toekomstige winst op de Drenkeling als dekking werd gebruikt. Blijkbaar redeneert de provincie ‘eerst incasseren, dan pas uitgeven’. Aan de  uitvoering van het glasbeleid is tot nu toe  € 10.5 miljoen aan gemeenschapsgeld besteed. Een rib uit het systeem van de gemeentelijke financieringsmethodiek waardoor nu ook op tal van andere gebieden moet worden bezuinigd.

In zeven jaar glasbeleid is al een wethouder gedwongen op te stappen. In elke andere  te  vergelijken omstandigheid  - of het nu bij een bedrijf, een stichting, een vereniging of ander bestuurslichaam is – wordt de verantwoordelijke bestuurder weggestuurd. Alleen in de gemeente Westvoorne blijft de verantwoordelijke wethouder zitten. Kan niet anders, de coalitie heeft D66 als achtste stem nodig. En dus zegt het college bij elke volgende tegenvaller: de raad heeft altijd met het collegebeleid ingestemd, de financiële gevolgen goedgekeurd en is dus medeverantwoordelijk. Wie doet ons wat….

De raad heeft er steeds mee ingestemd…. Dat is het politieke alibi waarmee het college steeds financiële rampspoed verhult. Een eerlijker omschrijving is dat de gemeenteraad slechts met de instemming van 53 procent van de kiezers het college dekt. Dan weten ook buitenstaanders dat de afgelopen twee jaar slechts een kleine meerderheid  vóór was en een grote minderheid (47 procent) tégen. College en coalitie balanceren op bom ijs.  
 

Nog meer missers

Het lijkt overigens wel of wethouder Klok het odium van ‘big spender’ met zich meedraagt.  Om een varkenshouderij aan de Langeweg te kunnen verplaatsen werd onder zijn verantwoordelijkheid aan de Quaksedijk  voor ruim acht ton een vervangend bedrijf aangekocht. Echter: de verplaatsing ging niet door en nu zit de gemeente door afwaardering  van het gemeentelijk bezit met een dik verlies.

Wethouder Klok was ook ‘trekker’ bij de ontwikkeling van de golfbaan Lagerwoude onder Tinte. Na vier jaar voorbereiding gaat het project nu toch niet door en zit Westvoorne met een strop van ruim een ton euro aan niet verhaalbare ontwikkelingskosten.

De wethouder was ook verantwoordelijk voor de aankoop en aansturing van het woningbouwproject De Rots aan de Dorpsweg in Rockanje. Al voor hij, ongetwijfeld feestelijk, de eerste paal slaat voor de bouw van veertien woningen is duidelijk dat de gemeente Westvoorne een kleine anderhalf miljoen euro op het project moet toeleggen.

Het bestuursdebacle rond de strandhuisjes tussen de Eerste en Tweede Slag ligt nog vers in het geheugen. Lees hier boven. Klok bagatelliseert de kosten van de uren die zijn ambtenaren  aan het project hebben besteed:  € 10.000; nauwelijks de moeite waard, vindt hij. Dat verklaart dan wellicht de mislukking. Er komt wel € 25.000 bij voor het BING-rapport om er achter te komen wat de statuten op het strand-  en duingebied behelzen. Het hele project moest als zijnde in strijd met de doelstelling in het servituut worden afgeblazen. Meedingende ondernemers zitten  – geïnspireerd door van gemeentezijde  gewekte verwachtingen -  met niet vergoede voorbereidingskosten. In de raad stuitte de zeer terechte motie van afkeuring op acht stalen gezichten in de coalitie.

En nu is wethouder Klok in het college verantwoordelijk voor de verkoop van het gemeentelijk woningbedrijf. Ik vrees wordt vervolgd: de waardebepaling van het woningbedrijf roept vraagtekens op.
 

De kiezer heeft altijd gelijk….

Uit het bovenstaande relaas komen hier twee lijnen samen. De eerste betreft het functioneren van gemeenteraad en college en de voortdurende animositeit tussen coalitie en oppositie. De tweede is de positie van de zowel machtige als overbodige wethouder Klok.  Oorzaak: de verkiezingsuitslag 2010 (Partij Westvoorne 5 zetels, VVD 3, CDA 2, Gemeentebelangen Westvoorne 2, D66 1) .

Daarom eerst een terugblik. Als partijen in een zittend ( 2006 – 2010) college (PvdA, Gemeentebelangen en D66)  bijna de  helft van hun aanhang kwijt raken en dat verlies komt niet eens  terecht bij de toenmalige oppositiepartijen  VVD en CDA, dan heb je nauwelijks politiek inlevingsgevoel nodig om de verkiezingsuitslag te kunnen  vertalen naar een nieuw college dat recht doet aan de uit de verkiezingsuitslag blijkende behoefte aan verandering. Een veel gebezigde  zegswijze na een verkiezing luidt immers: de kiezer heeft altijd gelijk.

Dat levert  bij het opmaken van de  politieke winst- en verliesrekening objectief beschouwd  een drie partijen college op met uiteraard de verrassend sterke nieuwkomer Partij Westvoorne (was het gelet op de voorgeschiedenis eigenlijk wel een verassing?) en de voormalige, weliswaar ook verliezende  oppositiepartijen  VVD en CDA, samen goed voor een comfortabele meerderheid in de raad van 5+3+2 = 10 - 5. Weliswaar met in BenW  een overwicht voor VVD en CDA samen.

Als je er even over nadenkt is dat een ideaal, evenwichtig plaatje: vijf debuterende, onervaren raadsleden die staan voor verandering en vijf ervaren raadsleden die staan voor continuïteit in het dorpsbestuur. Alle kans dat hier een beleid uit voortvloeit waarbij ‘de vijf’  (GBW 2, PvdA 2, D66 1) zich niet eens nadrukkelijk als oppositiepartij zullen (moeten) gedragen. Een ideaal gemeentebestuur dat gebaseerd is op samenwerking. (En achteraf gezien sterker nog: met deelneming van de Partij Westvoorne in het college zouden de VVD haar grote ergernissen bespaard zijn gebleven). 
 

Twee bestuursculturen

Maar het liep even  anders. VVD, CDA, Gemeentebelangen en D66 ervoeren het debuut van de Partij Westvoorne als een stomp in het politieke aangezicht. Niet  programmatische verschillen waren breekpunt, maar onverenigbaarheid van humeuren blokkeerde inhoudelijke onderhandelingen.  

Beginnersfouten bij de onervaren Partij Westvoorne (boude uitspraken tijdens de verkiezingsstrijd en in euforie geuite pretenties) werden aangegrepen om als kleine vier verliezers de grote winnaar buiten te sluiten. Nu mét een in het eerste stadium van de onderhandelingen geweigerde onafhankelijke voorzitter;  nu mét ambtelijke ondersteuning. Achteraf duidt dat er op dat ook binnen het raadhuis op hoog niveau – het was snel geregeld - de behoefte bestond het bij ‘het oude’ te houden. Zo onder het mom van ‘je kunt het gemeentebestuur toch niet aan een debuterende partij  overlaten….’  

VVD, CDA, GBW en D66 gaven dus een voorhistorische uitleg aan de verkiezingsuitslag: de helft plus één vertegenwoordigt alle kiezers. Een drogredenering: de nieuwe coalitie bestaat uit louter verliezers, de oppositie uit de sterkst uit de verkiezingsstrijd gekomen winnaar en de zich als verliezer bescheiden opstellende PvdA. Bij Gemeentebelangen zegde bijna 40 procent van haar aanhang haar vertrouwen in die partij op, bij de VVD 25 procent, bij het CDA 30 procent en bij D66 15 procent. Hoe lang kun je dan nog volhouden dat dit college voldoet aan de vernieuwing  die  blijkens de verkiezingsuitslag gewenst is.  

Een raadsvergadering vertoont twee bestuursculturen. De eerste voldoet aan het signalement dat de VVD in ‘Dieptepunt in politiek Westvoorne’ schetst. ‘De raad bewaakt de hoofdlijnen, de details laten we over aan het ambtenarenapparaat’. De behandeling van een raadsvoorstel beperkt zich doorgaans tot enkele instemmende volzinnen. Kenmerk van partijen die in  het college vertegenwoordigd zijn. Zij zitten, bijgepraat en aangestuurd door  hun wethouder,  aan de voorkant van een besluitvormingsproces.  

Het debat tussen oppositie en college vergt meer tijd. Partij Westvoorne en de PvdA, zonder wethouder, zitten achteraf aan de achterkant van het besluitvormingsproces. Zij hebben meer vragen en plegen dieper op de details in te gaan. Hun voorstellen tot aanpassing, verbetering of afwijzing van een raadsvoorstel worden weliswaar uitvoerig onderbouwd uitgelegd en verdedigd, maar hoe het met ingediende moties of amendementen vergaat is op voorhand bekend. Ze worden categorisch met ACHT tegen ZEVEN verworpen. Naar de meelevende burger komt het over als `wij als coalitie zijn tegen omdat we tegen zijn`. Wat ons college voorstelt is welgedaan.
 

Gemeenteraad is geen Tweede Kamer

Wat in deze weergave van politiek Westvoorne het meest tegenstaat  is dat deze gang van zaken nu al meer dan twee jaar duurt en, als dit zo nog twee jaar  doorgaat, een vervolg krijgt in de volgende raadsperiode  2014 - 2018. Want vergaderend en besturend in deze sfeer veroorzaakt na de raadsverkiezing in 2014 hetzelfde onvruchtbare onderhandelingsklimaat. Tenzij als logische reactie op de huidige gang van zaken de Partij Westvoorne nog meer kiezers trekt. Blijkbaar is de kloof tussen traditioneel machtsbehoud en vernieuwing onoverbrugbaar. Bij voortdurende animositeit blijft dat zo tot de som aan zetels van de gevestigde partijen onder de acht daalt.

Partijen in Westvoorne zullen zich echter zo langzamerhand toch moeten afvragen of dit nu de ideale wijze is waarop Westvoorne bestuurd dient te worden. De gemeenteraad is geen Tweede Kamer met 150 leden waarin per definitie coalitie en oppositie duelleren. Westvoorne heeft een gemeenteraadje met vijftien leden die samen, met over en weer wat geven en nemen, de dorpsgemeenschap dienen te dienen. Zo simpel is het.

Een uit vier partijen bestaande coalitie lijkt wel een brede coalitie maar ze dient er zich rekenschap van te geven dat zij 47 procent van de kiezers niét vertegenwoordigt. VVD, CDA, Gemeentebelangen en D66 geven aan democratie de uitleg dat ‘de helft plus één’ genoeg is om het hele kiezersvolk te kunnen vertegenwoordigen en dat zij daarmee automatisch ook het vertrouwen van de  gehele dorpsgemeenschap geniet.  Ik vraag me of dat zo is. Ik vraag me zelfs af of de eigen achterban onverdeeld achter dit college staat. Geniet bijvoorbeeld wethouder  Ies Klok (D66) het vertrouwen van alle coalitiekiezers ? In feite heeft hij met 461 op zijn partij uitgebrachte stemmen slechts van vier procent van de Westvoornse kiesgerechtigden (zes procent van de opgekomen kiezers) het mandaat gekregen. Zijn partij haalde nauwelijks de kiesdelen (452).

In  mijn beleving van politieke integriteit bedank je in zo’n situatie voor de eer. Zijn gretigheid om toch met één raadslid en één wethouder in deze coalitie te stappen past ook niet in de opvattingen over democratisch bestuur die ik D66 als politieke partij toedicht. Ik zie Alexander Pechtold op basis van één lid in de Tweede Kamer geen minister leveren. Met andere woorden:  de wethouderszetel van D66 ontbeert elke door de kiezer afgegeven legitimatie.
 

Niet GBW, maar PW dé lokale partij

Ten aanzien van Gemeentebelangen geldt dezelfde observatie. Gemeentebelangen, opgericht in 1980, afficheert zich op haar website nog steeds als ‘dé  lokale politieke partij in de gemeenteraad van Westvoorne’. Dat is sinds de raadsverkiezing 2010 nogal ver bezijden de waarheid. Het is hoogst opmerkelijk te moeten constateren dat Gemeentebelangen Westvoorne blijkbaar het bestaan van de lokale Partij Westvoorne ontkent. 

Dat is typerend voor de halsstarrigheid waarmee Gemeentebelangen zich aan haar inderdaad sterke positie in het verleden vastklampt, terwijl de kiezer allang afscheid van ‘dé’ lokale partij heeft genomen. Hoe zo dé lokale partij. Gemeentebelangen 2 zetels. Partij Westvoorne 5 zetels. Me dunkt dat enig besef  dat de rol voor Gemeentebelangen geminimaliseerd is toch aanwezig moet zijn.

De bijna halvering van de eigen aanhang had al bij de vorming van het college tot de politieke afweging moeten leiden dat de deelneming van Gemeentebelangen in het vorige college onvoldoende  zichtbaar is gebleken en de kiezer – gelet op de sterke start van de nieuwe lokale partij -  wisseling van de wacht wilde. Ook Gemeentebelangen geniet op grond van de verkiezingsuitslag onvoldoende legitimatie een wethouderspost te bezetten.

Voldoen VVD en CDA dan wel aan de aan legitimatie gestelde criteria? Wat de VVD betreft:  de lokale afdeling kan vissen in een vijver met een kleine 4000 VVD -stemmers bij landelijke verkiezingen, maar halen daarvan minder dan de helft binnen. Ook dat betekent  iets. Niettemin: als voormalige oppositiepartijen kunnen zij laten zien hoe het wel moet. Met de nu op de schouders genomen ballast van Gemeentebelangen en D66 lukt hen dat echter niet.

Coalitiepartijen zouden zich moeten realiseren dat zij het op eigen kracht – of in het Westvoornse geval op eigen zwakte – alle vier afleggen tegen de grootste oppositiepartij en dat alleen de som der delen hun macht bepaalt. Valt er  één deel tussenuit (en die mogelijkheid is de komende twee jaar zeker niet denkbeeldig; er ontstaan nu al scheurtjes tussen VVD en GBW over gemeentelijke herindeling en glasbeleid) dan verkeert macht in onmacht.
 

Bijna  meerderheid  lokale partijen

Daarom zouden – nu halverwege deze raadsperiode met de raadsverkiezing in 2014 in het vooruitzicht - coalitiepartijen zich moeten afvragen hoe zij er elk voor zich voor staan. De objectieve volger van de dorpspolitiek zal tot geen andere conclusie kunnen komen dan slecht, zelfs heel slecht. De verkiezingsuitslagen in 2002, 2006 en 2010 vertonen een blijkbaar niet te stuiten verlies voor de gevestigde partijen.

Uitslag raadsverkiezing Westvoorne   2002   2006   2010 in procenten: 

VVD……………………………………        27.5    24        20.4

PvdA………………………………… .       21.3     25.8     11.7

CDA……………………………………       18.8    16        11.7

D66 …………………………………….        8.8      7.3       6.8

Lokale partijen worden steeds sterker. Eerst profiteerde alleen Gemeentebelangen Westvoorne daarvan. In 2010 won de nieuwe Partij Westvoorne in één klap vijf zetels, daarmee onderstrepend dat Gemeentebelangen in verouderde politiek is blijven steken. Opmerkelijk is dat  de twee lokale partijen samen in Westvoorne nu al 49.4 procent van de kiezers binnenhaalden en niets wijst er op dat deze tendens tot stilstand komt. Integendeel.

Gemeentebelangen …………………    23.5     26.9     17.7

Partij Westvoorne……………………       0          0       31.7

Te voorzien is dat VVD , CDA, GBW en D66 in 2014 ook de PvdA nog nodig hebben om een meerderheid te kunnen vormen en Westvoorne vijf wethouders krijgt…. Afgezien van het feit dat de PvdA zich daartoe, denk ik, niet zal lenen: de redenering toont  ondubbelzinnig aan hoe gekunsteld coalitie en college dorpspolitiek bedrijven. 
 

Verkiezingen 2014: coalitie  of  PW

De vier in de coalitie verenigde partijen hebben tot nu toe geen wapenfeit kunnen scoren waarmee zij op grond van eigen identiteit en kracht de gunst van de kiezer kunnen veroveren. Of je nu VVD, CDA, GBW of  D66 stemt: onder de huidige omstandigheden – zonder enig onderscheid tussen partijen in de coalitie - is het één pot nat. Er is geen onderwerp waarin één van die partijen uitblinkt. Sterker: de verkiezingsstrijd wordt verengd tot een strijd tussen twee blokken. Stemmen vóór het coalitiepact of stemmen vóór de Partij Westvoorne en PvdA.  Tenzij coalitiepartijen in de aanloop naar de raadsverkiezing al duidelijk maken dat voortzetting van de huidige coalitie geen optie meer is. In dat geval kun je er nu beter gelijk een punt achter zetten. Dat schept voor de kiezer duidelijkheid en creëert tijdig het klimaat om tot meer normale omgangsvormen te kunnen komen.  

In dit verband is het nuttig te analyseren hoe groot (of klein) de verschillen tussen coalitie en oppositie nu werkelijk zijn. De straf gehandhaafde scheidslijn ACHT – ZEVEN suggereert dat de kampen mijlenver uit elkaar liggen. Maar is dat zo?

De feitelijke gang van zaken is dat het college van BenW een raadsvoorstel voorlegt.

De coalitie stemt daar als regel zonder verder commentaar mee in.

De oppositie tracht met een pleidooi of het indienen van een motie of amendement het voorstel te verbeteren.

De coalitie wijst elke poging daartoe categorisch af.

De oppositie stemt deswege tegen.

En zie daar: het wordt weer ACHT tegen ZEVEN.

Maar is de scheidslijn wel zo breed als een ACHT tegen ZEVEN suggereert.  

In veel gevallen betekent het allerminst dat de oppositie het gehele raadsvoorstel ook inhoudelijk afwijst. Over de kern van veel raadsvoorstellen bestaat best wel een gelijkgestemde mening. De verschillen ontstaan doorgaans over randvoorwaarden, uitvoering en puntjes op de i. De coalitiepartijen vinden dergelijke aanpassingen gewoon niet nodig.  BenW stellen het zó voor en dus is het zó goed.  Waarom zou je, als je toch de meerderheid hebt, willen samenwerken door aan wensen van opponenten tegemoet te komen.
 

Verschillen niet zó groot

In feite raakt dit de essentie van de ongezonde bestuurscultuur die er in de Westvoornse gemeenteraad heerst. Samenwerken zou zo simpel kunnen zijn Maar als je als coalitie elke oppositionele bijdrage aan het raadsdebat als kritiek op het college ondergaat worden verschilpunten onnodig uitvergroot. Voorstellen van de zijde van de oppositie worden doorgaans ontbeargumenteerd afgewezen met steevast slechts de simpele uitleg dat het college het niet nodig dan wel ongewenst vindt. Een dus vinden de coalitiepartijen het onnodig  dan wel  ongewenst. 

Het lijkt er veel op dat coalitiepartijen dit afhoudende  beleid blijven voeren om de samenstelling van hun onnodig vijf man sterke college (de burgemeester telt ook mee) te kunnen rechtvaardigen.

Dat er in 2010 na de verrassende verkiezingsuitslag tussen de zittende macht en de als indringer beschouwde Partij Westvoorne animositeit is ontstaan is nog wel te  begrijpen. Met de liberalen voorop hebben VVD,  CDA, GBW en D66 toen de sfeer gecreëerd dat hun coalitie noodzakelijk was om ons, argeloze burgers van Westvoorne, voor de furie van de Partij Westvoorne te behoeden.  VVD-fractievoorzitter Dukker onderstreepte dat nog eens in de kwestie rond de strandhuizen en de rol die wethouder Klok daarin speelde. ‘Zie je wel dat we het  toen wel goed gezien hebben wat voor vlees we met de Partij Westvoorne in de kuip hadden’, sprak hij.

Intussen hebben de vijf leden van de fractie van de Partij Westvoorne zich doen kennen als ambitieuze raadsleden met net zoveel hart voor de zaken van Westvoorne als hun collega’s in de coalitie. Sterker: er kan  bij de liberalen zelfs het compliment af dat zij respect hebben voor de grondige wijze waarop de oppositiepartij zich op de behandeling van de raadsvoorstellen voorbereidt.

Ik veronderstel dat niemand gelukkig is met de wijze waarop de gemeente Westvoorne nu al twee jaar wordt bestuurd. Fractievoorzitters zouden zo langzamerhand het tot hun verantwoordelijkheid moeten rekenen hoe zij een eind kunnen maken aan de bestuurlijke wanvertoning.
 

Het is nú of we gaan na 2014 zo door

De hierboven uitgewerkte analyse leidt tot een simpele conclusie.

Dit college is onder een negatief geïnspireerd gesternte tot stand gekomen. De tijd is rijp om die weeffout te herstellen. Het is nú, of we riskeren dat het na de raadsverkiezing in 2014 weer vier jaar lang van hetzelfde laken een pak wordt.

Daarbij is het van belang te constateren dat de resultaten  van het coalitiebeleid – zeker ten aanzien van Rockanje  - minimaal zijn. Het drama rond de strandhuizen is genoegzaam bekend  (en nog weigert het college de bestemming strandhuizen uit het bestemmingsplan Zeegebied te schrappen: waarom ?) . De nu aangezwengelde woningbouw in de Drenkeling dient niet zozeer om Rockanje te versterken, maar om uit de winst op  de grondexploitatie ver buiten de dorpsgrens het glasbeleid te kunnen financieren. De verbetering van de dorpskern bestaat vooralsnog uit niet meer dan het plaatsen van een boom op het Dorpsplein met wat bankjes en misschien wel een terras. Voor herstructurering van de dorpskern tot ‘een aantrekkelijk recreatief centrum’ en ‘winkelgebied en centrale ontmoetingsplek’, zoals de toekomstvisie beoogt, ontbreekt het geld. De met Rockanjese grond in de Drenkeling verdiende tien miljoen wordt in het glas gestoken. Kortom: er zijn geen argumenten waarom dit college de hele rit van vier jaar zou moeten uitzitten. De  niet door de verkiezingsuitslag gelegitimeerde wethouders van Gemeentebelangen en D66 leveren in feite geen andere bijdrage dan dit ongewenste college in stand te houden.

GBW- wethouder Van Lith is verantwoordelijk voor enkele onafgerekende missers in Rockanje. De ambitieuze, inmiddels vergeten structuurvisie  ‘Rockanje, groen dorp aan zee’ uit 2005 bood een verwachtingsvol perspectief: woningbouw in de Drenkeling (toen al), maar sinds 2005 is er zeven jaar lang niets meer aan gedaan. Over ontwikkeling van de Noordrand hoor je niemand meer. De verplaatsing van de voetbalvelden ja. Na zeven  jaar actueel geworden  omdat de Drenkeling geld moet opbrengen voor de uitvoering van het glasbeleid. De nieuwbouw van de Swinshoek in de Drenkeling is niet doorgegaan. Ondanks breed verzet uit de burgerij is Stuifakkers noodgedwongen neergezet op een veel te kleine locatie aan de Raadhuislaan. Van concentratie en nieuwbouw van de scholen is alleen het idee over.

Oorzaak van het ineenzakken van de structuurvisie ‘Rockanje, groen dorp aan zee’  waren  verouderde bestemmingsplannen waarmee niets te beginnen was. Het was ‘veel beloven en weinig geven doet Rockanje in vreugde leven’. Resultaat: zeven jaar stilstand in de ontwikkeling van het dorp. Het ergste: doordat de concentratie van de scholen van de baan is ontgaat  Rockanje de ideale locatie om het centrum van het dorp echt body te kunnen geven.

Tel daarbij op de wanverhouding in de politieke aandacht tussen Rockanje (niets meer mee gebeurd) en Oostvoorne (nieuwe De Man, nieuw zwembad en nieuwe sporthal en volop  woningbouw  in Voorhof nummer zoveel en De Ruy). Dat  beleid heeft ontwrichtende gevolgen voor de dorpsgemeenschap van Rockanje. Nog steeds.  In Oostvoorne zijn  475 woningen in aanbouw, in Rockanje bestaan slechts plánnen voor nog geen honderd woningen.

Het aantal inwoners in Rockanje is deswege gedaald van 6700 in de jaren ’90 naar 6200 nu, met alle gevolgen voor het bestedingsvolume bij het toch al krimpende winkelaanbod (vertrek Marskramer en Zeeman) en het uitblijvende van aanwas voor het in stand houden van voorzieningen en  verenigingsleven. In Oostvoorne  daarentegen is  het aantal inwoners gestegen van 6500 naar 7200. Een lokale partij en zijn wethouder, die zulke grote tegenstellingen laten ontstaan,  zijn aan vervanging toe. Te meer omdat die negatieve ontwikkeling 25 jaar geleden  al,  toen Gemeentebelangen dezelfde  sterke positie had als de Partij Westvoorne nu,  met de al even omstreden dorpsvernieuwing al is begonnen.

Nog afgezien van de constatering dat op grond van de verkiezingsuitslag D66-wethouder Klok  zijn tweede termijn nooit had moeten aanvaarden: zowel het glasbeleid als het  strandhuisdrama rechtvaardigt een tussentijds vertrek.
 

In belang partijen zelf

Restauratie van het college is echter vooral in het belang van partijen zelf is. Gekluisterd als zij zijn aan het coalitieakkoord zijn er  nauwelijks afzonderlijke eigen initiatieven waarmee VVD, CDA, GBW en D66 zich onderscheiden. Handhaving van dit college blokkeert in 2014 een vruchtbare uitgangspositie om de gemeenteraadsverkiezing in te gaan. De in de afgelopen jaren opgelopen schade in de  onderlinge verhoudingen blijft een rol spelen en beïnvloedt de volgende collegeonderhandelingen.

Partijen zullen zich moeten realiseren dat Westvoorne een gewoon dorp is dat in zo groot mogelijke eensgezindheid bestuurd moet worden met de kiezer als supporters in plaats van actievoerders..Parlementje spelen met een splijtende coalitie en oppositie heeft al te lang geduurd  

Het zal voor alle partijen wel even slikken zijn. Westvoorne zal er echter zeer mee gediend zijn.

Koos de Gast

degast.rockanje@upcmail.nl

Pagina terug