Duinen omg Kreekpad.jpeg

Nieuws

    26-10-2021

Gemeenschapsgebouwen en de horeca

Archief Nieuws

Gemeenschapshuis werkt samen met horeca Gemeenschapshuis in Megen

Auteur: Paul van der Zwan – 10/10/2014

Sinds begin dit jaar gelden strengere wettelijke regels voor de zogeheten paracommerciële horeca. Deze nieuwe regels moeten oneerlijke concurrentie met de horeca tegengaan. Een belangrijke bron van inkomsten van gemeenschapshuis Acropolis in Megen dreigde daardoor op te drogen. Maar sinds kort werkt Acropolis samen met de horeca bij de organisatie van feesten en partijen. De gemeente Oss ging ermee akkoord.

Bezoekers van de voor een groot deel met kinderkopjes bestrate dorpskern Megen (1650 inwoners) zal het gebouw van Acropolis, het voormalige gymnasium van de broeders franciscanen, niet ontgaan. Het monumentale pand uit 1884 is een belangrijke blikvanger.
Sinds 1969 is het gemeenschapshuis gevestigd in het pand, dat onder meer een concertzaal heeft en een theater met glas-in-loodramen, de voormalige kapel van het gymnasium. De voormalige schoollokalen, nog voorzien van lokaalnummers, bieden onderdak aan onder andere de heemkundevereniging, de harmonie en de breiclub. Femke Nijboer, bedrijfsleider van Acropolis: ‘En we hebben het zogeheten kabaallokaal, de thuishaven van de Megense jeugdvereniging, waar vrijwel iedere jongere in Megen wel lid van is.’
Naast de Stichting Gemeenschapshuis Acropolis biedt het pand huisvesting aan het Toeristisch Informatie Centrum Megen, een bakkerij die wordt gedreven door mensen met een licht verstandelijke handicap, een praktijk voor biodynamische massagetherapie en een kunstenaarscollectief. In de voormalige lerarenkamer met dubbele deur om afluisteren door leerlingen destijds tegen te gaan, spreekt wethouder Jan van Loon van het kloppend hart van sociaal Megen.

Renovatie
Voor de renovatie van enkele jaren geleden kon de beheerder, de Stichting Gemeenschapshuis Acropolis, de touwtjes financieel aardig aan elkaar knopen. De gestegen kosten van het gerestaureerde pand én de wijziging van de Drank- en Horecawet dreigden roet in het eten te gooien; gemeenten moesten in een verordening regels stellen voor horeca-activiteiten van sportverenigingen en club- en buurthuizen. Hierdoor zou het organiseren van een feest of partij, een noodzakelijke bron van inkomsten voor Acropolis, niet langer zijn toegestaan.
De Stichting Acropolis haalt haar inkomsten onder meer uit onderhuur van ruimten aan verenigingen. Aangezien zij het pand voor het symbolische bedrag van één euro per jaar huurt van de gemeente, zijn de opbrengsten van onderhuur voor de stichting. Daarnaast ontvangt de stichting dertigduizend euro subsidie per jaar van de gemeente en nu en dan giften en schenkingen van particulieren of bedrijven. Sjoerd van Aelst, vicevoorzitter van Acropolis: ‘Maar zonder neveninkomsten uit partijen kunnen wij onze exploitatie niet sluitend krijgen.’
Dat heeft Van Aelst de raad van Oss ook laten weten. Die vergaderde eind vorig jaar over regels voor de organisatie van feesten door stichtingen en verenigingen. ‘Tijdens een commissievergadering heb ik ingesproken. Mijn boodschap was dat we financieel door het ijs dreigden te zakken na de wetswijziging.’ Dat zou niet alleen het einde betekenen voor Acropolis, maar ook een bedreiging voor het verenigingsleven van Megen.
Acropolis zou niet als enige de dupe worden van de nieuwe wetgeving. Van Loon: ‘We hebben bijvoorbeeld alleen al zeventien voetbalclubs in Oss, die de extra opbrengst uit een feestje ook wel kunnen gebruiken. Datzelfde geldt voor tennisverenigingen, hockeyclubs en buurthuizen in onze drieëntwintig kernen.’

Verpauperen
Acropolis neemt een zeer belangrijke plaats in binnen de dorpskern Megen, vooral door zijn functie. Van Loon: ‘Het gebouw is enkele jaren geleden grondig gerenoveerd. Enkele partijen, waaronder de gemeente, hebben daar samen bijna vijf miljoen euro in geïnvesteerd. Het zou zonde zijn als het fraai gerestaureerde rijksmonument leeg kwam te staan en wellicht zou verpauperen.’
De gemeente adviseerde de Stichting Gemeenschapshuis Acropolis daarom in gesprek te gaan met de commerciële horeca. Wanneer daar afspraken uit zouden voortkomen over samenwerking bij de organisatie van feesten in Acropolis, zou de gemeente bereid zijn ontheffing te verlenen van het verbod op de organisatie van bijeenkomsten van persoonlijke aard in het gemeenschapshuis.
Het gemeenschapshuis en de horeca in Megen waren geen vreemden voor elkaar. Nijboer: ‘We werkten al wel samen, wij hebben bijvoorbeeld geen kok in dienst.’ Acropolis, horecapartijen in Megen en Koninklijke Horeca Nederland kwamen er daarom snel uit. In mei ondertekenden zij de samenwerkingsovereenkomst.

Grenzen
Deze blijkt in de praktijk goed te werken, aldus Nijboer. ‘Maar die praktijk heeft zo zijn grenzen. Zo wilde iemand voor een familiereünie bij ons zelf hapjes maken. Dat doen we dus niet, daarmee zouden we onszelf en de horeca tekort doen.’
Sinds Acropolis met de horeca privépartijen organiseert, is het merkbaar drukker in het gemeenschapshuis. Van Aelst: ‘Het is nu soms zo druk met activiteiten dat we niet eens voldoende kop- en-schotels hebben.’

Leefbaarheid
Een drukbezocht gemeenschapshuis komt de leefbaarheid ten goede, weet wethouder Van Loon. ‘Ik woon zelf in een kleine kern. Ik weet drommels goed hoe je de leefbaarheid in stand houdt; scholen, sportverenigingen en ontmoetingsruimten als Acropolis zijn daarbij cruciaal. Zij staan garant voor activiteiten en daarmee voor sociale contacten.’
Net als de gemeente en Acropolis juicht de horeca de samenwerking toe. Restauranthouder Thony Suppers: ‘Wij kunnen wel een feest organiseren, maar we hebben beperkte ruimte. Tweehonderd man ontvangen lukt niet in mijn restaurant. Ook niet voor een ontvangst ter gelegenheid van een uitvaart. In Acropolis kan dat wel. Daarnaast zijn er mensen die helemaal geen feest in mijn restaurant willen: zij kiezen specifiek voor Acropolis als locatie.’
Acropolis werkt samen met vijf horecaondernemers uit Megen. Eddy Müller, restauranthouder: ‘We rouleren bij de mede-organisatie van bijeenkomsten; ieder op zijn beurt. Sommigen van ons doen geen grotere partijen, die geven de beurt dan over aan een ander. Het komt ook voor dat meer horecaondernemers samenwerken. En de klant kan natuurlijk zelf kiezen voor één van ons. Dat loopt uitstekend.’
De horeca is dik tevreden met de samenwerkingsovereenkomst. Müller: ‘Het levert ons meer publiciteit op, mensen weten onze zaken beter te vinden. Wat wil een ondernemer nog meer? We zien het echt als de slagroom op het toetje.’

De gemeente Oss kent meer dorpskernen met grote gemeenschapshuizen. Voorziet Van Loon dat ook deze voelen voor samenwerking met de horeca voor feesten en partijen? ‘Ik heb nog geen geluiden in die richting gehoord, maar ik acht het niet uitgesloten dat die wel gaan komen.’

Vindplaats: VNG Magazine 19, 10 oktober 2014, pagina 22 e.v.

Pagina terug